Mooie backing vocals maken
gepubliceerd op: 07-11-2016 | Auteur: Bart Groenlof
2016 Interface.nl Auteursrecht- en databankenrecht voorbehoud.
Ik ben al een tijdje aan het proberen om de superstrakke en brede maar cleane koortjes te maken die je in veel popproducties hoort, maar echt geweldig lukt dat nog niet. Het klinkt niet breed genoeg en ik heb veel last van niet synchroon lopende lettergrepen en ademhaling

Je schrijft niet of je de koortjes zelf inzingt of dat door anderen laat doen, maar als je ze zelf inzingt is het belangrijk om voor elke partij al bij de opname een iets andere klank te creëren. Je kunt dat doen door verschillende microfoons te gebruiken. Heb je maar een mic, dan kun je de afstand of de hoek van de mic heel lichtjes variëren. Een microfoon met meerdere richtingskarakteristieken levert voor elke karakteristiek een andere klankkleur op. Let er bij omni wel op dat je niet te veel roomsound mee oppikt. Je kunt ook partijen steeds iets anders inzingen, bijvoorbeeld geknepen, neuzig, falset, hard en zacht. Het gebruik van varispeed of varipitch zorgt ook voor een bruikbare variatie in klankkleur. Het beste middel is natuurlijk om ook andere vocalisten het koortje mee te laten zingen. Een vrouwenstem kleurt bijvoorbeeld goed met meerdere mannenstemmen.

Om de timing strak te krijgen moet je vooraf de dictie, dus de exacte plaatsing en lengte van de lettergrepen, goed plannen. Als de opnamen klaar zijn, kun je de stukken tussen de zinnetjes deleten om bijgeluiden en overspraak van de guidetrack te verwijderen, maar maak dan wel fade-ins en -outs om de overgang van stilte naar stem natuurlijk te laten verlopen. Het is aan te raden om een take te nemen met de optimale timing en daar de rest op aan te passen. Het inademen kun je het beste laten staan voor een natuurlijk gevoel, maar meestal zijn twee tracks met ademhaling voldoende. Kies er twee die mooi synchroon lopen, wis de rest en zorg er met faderautomatisering voor dat het volume van het inademen ‘klopt’ met de vocals zelf.

Klinkers als B’s en P’s verstoren vaak de timing en zorgen voor ploppen, dus ook daar moet je aan werken. Knip de plops los van de rest van de vocal en gebruiken een geschikte fade-in op de P of B om de plop weg te poetsen. Als het enigszins mogelijk is, kun je bij het inzingen al proberen om de P’s en B’s en ook de T’s, vooral aan het eind van woorden, enigszins te onderdrukken. Als noten niet even lang zijn, kun je de te korte lettergreep net voor de eindmedeklinker of het laatste woord van de zin knippen en vervolgens het stukje daarvoor ietsje timestretchen tot de lengte perfect past. Te lange woorden kun je over het algemeen uitfaden op het juiste moment.

In al deze gevallen is de best ingezongen track (of de leadvocal als je die dubbelt) de referentie waaraan je de rest aanpast. Hoe ver je wilt gaan met dit soort editing is je eigen keuze, maar door losse woorden licht te verschuiven en het gebruik van crossfades en fades kun je met wat geduld en ervaring een superstrak koortje maken. Je bepaalt daarbij zelf hoe ‘menselijk’ het moet klinken, dus hoeveel onnauwkeurigheden je laat zitten. Daarna kun je kijken of je met eq, compressie, panning en effecten zoals een harmonizer en eventueel het toevoegen van een met een pitch corrector bewerkte versie van een vocal take de sound lekker breed kunt maken. Daarbij is het handig om voor alle vocal takes de juiste panning en volume in te stellen en ze vervolgens naar een stereobus/group te sturen. Hier kun je dan een overall eq, compressie en effect-sends gebruiken waardoor de individuele stemmen beter samensmelten tot ‘het koortje’. Tegelijkertijd kun je zo met één fader het volume van het koortje afstellen. Voor je het weet ben je zo een hele of halve dag bezig met de koortjes, maar je krijgt er wel een heel professionele sound voor terug. Goede backing vocals geven een song altijd meer impact, dus het is zeker de moeite waard om daar veel tijd in te steken.